ADD, een andere orde

Als ze komt aanlopen is het eerste wat opvalt haar wat dromerige blik. Ze geeft me een hand en ik kijk in twee zachte blauwe ogen. Geertje is 13 en heeft een tijdje geleden de diagnose ADD gekregen. Hoe zou jij jezelf beschrijven, vraag ik, los van die diagnose? Ze aarzelt even en zegt dan, ik ben heel creatief, ook emotioneel en ik kan goed vrienden maken. Ik vergeet vaak dingen. Wat voor dingen, vraag ik. Ehm, wat voor huiswerk we hebben gekregen, bijvoorbeeld, en dan noemen klasgenoten me dom.
En daar hebben we een klassiek voorbeeld van onbekend maakt onbemind. Geertje’s waarnemingsvermogen en verwerking van sensaties werkt net iets anders dan gemiddeld. Omdat onze samenleving, en dus ook het schoolsysteem, is ingesteld op gemiddeld wordt haar anders functioneren betiteld als dom. Maar als je met haar praat voer je een gesprek met een wijs, open en nieuwsgierig kind. Ze geeft blijk van verrassende inzichten en de nodige humor. Allesbehalve dom dus…

Ze vertelt dat ze het in de trein altijd zo moeilijk vind met alle geluiden en mensen. En wat doe je dan, vraag ik. Meestal luister ik muziek met oortjes in. En hoe is dat dan, vraag ik. Dan ga ik op in de muziek en dat is fijn.
Zo heb je dus zelf intuïtief een manier gevonden om de hoeveelheid prikkels (dat wat je aan sensaties of informatie waarneemt) terug te brengen naar één, zeg ik, namelijk de muziek. En dat is ook nog een aangename prikkel in plaats van een onaangename. O ja! zegt ze.
Vroeger was ik altijd mijn sleutels kwijt, vertel ik haar. Dan werd ik boos op mezelf omdat ik zoiets simpels als waar ik mijn sleutels had gelaten niet kon onthouden. Dat heb ik heel lang zo gedaan totdat ik ging begrijpen dat mijn brein zoveel informatie binnen krijgt dat de plek van de sleutels er niet meer bij kon. Nu heb ik een plekje, naast mijn jas, waar ik mijn sleutels ophang. Heel simpel en heel doeltreffend. Ik ben ze nooit meer kwijt. Maar die simpele oplossing kon ik pas bedenken toen ik ging begrijpen en accepteren hoe ik in elkaar zit. Daarvoor dacht ik alleen maar dat ik zo dom was dat ik zelfs zoiets simpels niet kon onthouden. Maar ik wist wel nog wat iemand mij een of twee jaar geleden in een gesprek verteld had. Ja, zegt ze, dat heb ik ook…

ADD is geen stoornis, het is een andere manier van informatie ordenen. Veel mensen selecteren onbewust, automatisch dus. Dat kan handig zijn als er veel prikkels zijn, maar zo kun je ook een hoop informatie missen. Iemand die dat filter niet automatisch heeft kan belangrijke informatie opmerken. Heel waardevol dus. Ik vertel haar dat Nostradamus heel gevoelig is en snel schrikt. Dat komt omdat hij veel waarneemt, zeg ik, vaak meer dan de andere paarden. Als hij in een wilde kudde zou staan zou hij de kudde op tijd alarmeren voor een roofdier omdat hij die eerder waar zou nemen dan de andere paarden. Dat zou hun leven kunnen redden.

We praten verder over hoe bepaalde informatie en prikkels voor haar zijn. Emoties zijn krachtig en overweldigend voor haar. Ze noemt angst als de meest bepalende. Wat maakt je bang, vraag ik. Beelden van het journaal, zegt ze. En wat doe je dan, vraag ik. Dan vraag ik mijn ouders of dat hier ook kan gebeuren en dan wil ik dat ze zeggen dat dat niet kan. Maar ik snap ook wel dat ze dat niet echt kunnen dus het helpt een klein beetje maar niet helemaal. En dan blijf ik piekeren over wat er hier allemaal kan gebeuren.
Piekeren is een symptoom van spanning, zeg ik. Maar meestal kijken we er niet zo naar, we gaan juist in op de inhoud van waar je over piekert. Ja, zegt ze en daar kom je nooit uit, dat gaat maar door. Precies, zeg ik. Als je je realiseert dat als je piekert er veel spanning in je lichaam moet zijn dan kun je iets gaan doen waardoor de spanning vermindert en zal het piekeren afnemen.
Als je er vanuit gaat dat jouw hersens veel informatie te verwerken krijgen op een dag omdat je heel veel waarneemt zijn er dus veel prikkels. Er is tijd en rust voor nodig om die te verwerken. Als daar te snel weer nieuwe prikkels bovenop komen ontstaat er teveel spanning. Dus wat zou je kunnen doen om de beelden van het journaal te vermijden als je niet per sé alleen op je kamer wil zitten? Eh, niet kijken of tekenen. En als je nou ook eens je oortjes gebruikt, stel ik voor, anders hoor je het en gaat je fantasie er beelden bij maken. Ja en dat is nog veel erger, zegt ze. We spreken af dat ze dit een week lang gaat uitproberen. Het is een eerste stap naar bewust de regie over haar leven en hoe ze zich voelt in eigen hand nemen in plaats van een afhankelijke van een diagnose of medicijnen te worden.

Het mooie is dat we dit hele gesprek gevoerd hebben heerlijk buiten, terwijl zij Nostradamus poetste. Weet je waarom we hier zijn en niet binnen in een kamertje, vraag ik. Omdat hier minder prikkels zijn? Mensen zeggen vaak dat het binnen rustiger is, maar ik vind van niet, zegt ze. En dat is alweer zo’n verrassende (en voor mij heel herkenbare) uitspraak van haar.
We leggen Nos een zadel op en ze klimt erop. Ze leert hem sturen, stoppen en weer in beweging zetten. Ze vindt het fantastisch en hij, sensibel als hij is, reageert op elke kleine gewichtsverandering wat haar bewust maakt van wat ze met haar lichaam doet. Als ze hem te hard aanspoort schrikt hij dus kan ze gaan aanvoelen hoeveel dan al genoeg is. Hij brengt haar terug naar haar lijf en geeft haar een aangename focus in haar complexe wereld van sensaties. Ze vergeet niets van wat ik haar uitleg en corrigeert zichzelf intuïtief heel snel. Het is prachtig ze samen te zien. Bij het verwerken van prikkels, sensaties, speelt het hele brein een rol, ook dat deel waar we onbewust mee waarnemen. Je kunt maar zoveel bewust sturen en beïnvloeden dus je moet een manier zien te vinden dat onbewuste deel te bereiken. En wie kan dat beter dan een paard met zijn enorme aangeboren sensitiviteit. Dit overstijgt elke uitleg en theorie, dit kan ze zelf ervaren. Haar hele brein krijgt deze informatie binnen, niet alleen dat stukje wat praat en ziet, maar ook alles wat voelt, selecteert en beleeft.

Ze komt stralend van zijn rug af, ondanks de inmiddels constante regen. Wanneer wil je terugkomen, vraag ik. Nou, er moet in ieder geval een week tussen zitten, zodat ik kan oefenen met het journaal!, zegt ze. En daar verrast ze me weer. Hoezo iets vergeten 😉